Verkeersregels

Het licht springt op geel. Wat doe je?

Weet jij het juiste antwoord op deze verkeersvraag? Kies A, B of C en lees de heldere uitleg van Rijmaatje.

Het licht springt op geel. Wat doe je? – Rijmaatje

Het licht springt op geel. Wat doe je?

Bekijk de verkeerssituatie rustig en kies eerst zelf A, B of C.

  1. A. Stoppen als dat veilig kan
  2. B. Gas geven
  3. C. Altijd doorrijden

Het juiste antwoord

A. Stoppen als dat veilig kan

Geel betekent stoppen, tenzij veilig stoppen redelijkerwijs niet meer kan.

Waarom dit belangrijk is tijdens je rijles

Door de situatie vroeg te herkennen, kun je voorspelbaar handelen en houd je tijd over om goed te kijken. Vertel tijdens het oefenen hardop wat je ziet, wie er voorrang heeft en welke ruimte je nodig hebt.

Examentip

Kijk ruim vooruit, controleer je spiegels en neem pas een beslissing als de hele situatie duidelijk is. Veilig en beheerst handelen is belangrijker dan snel reageren.

Bekijk de bron: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).

Bron: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)